Tekst: Claudi Olieslagers

Foto’s: S. Jansens

Prinses Iris was weer terug van weggeweest. Toen haar werd gevraagd of ze opnieuw prinses wilde zijn, antwoordde ze gevat: “O, ik dacht dat ik dat al was.” Daarmee was meteen de toon gezet. Ze heette iedereen welkom in een tjokvolle gymzaal en sprak haar trots uit over het bestuur van Haaikneutersland, dat had laten zien wat écht omdenken is. De gymzaal was omgetoverd tot een sfeervolle sauwelzaal, uiteraard met de Somsband als huisband. Voordat het sauwelen begon, werden de jarige sauwelaars Guido Dirven en Victor Theeuwes naar voren geroepen. Met een korte woordwisseling was de aftrap gegeven voor een avond vol zelfspot, dorpshumor en scherpe observaties. En natuurlijk moest ook buurdorp Chaam het weer ontgelden.

Ben Gevallen (Rudy Strijbos)

Op krukken strompelde Ben Gevallen de ton in. Zijn naam bleek geen toeval: ook zijn broer heet Bennie Gevallen. Volgens hem was zijn moeder nog altijd maagd – maar ja, een sterrenbeeld verander je niet zomaar. Ben vertelde over zijn liefde voor Zannemiek en hun gezin. Hun jongste wilde een zusje, maar dat ging volgens hem niet meer, want “één op de drie is tegenwoordig Chinees”. Die kinderen zijn niet meer zoals vroeger; tegenwoordig draait alles om tablets en gamen. Toen laatst een van zijn kinderen hoorde dat iemand was overleden, vroeg die in welk level dat was gebeurd. Ook zijn uitleg over hoe ze in mama’s buik waren gekomen, was geniaal: “Geen vaste verbinding, downloaden, usb stick en firewall vergeten,” zei hij. De dorpsperikelen kwamen uitgebreid aan bod, met als de bekende omleiding richting Chaam, waar het riool door al die koude kak vervangen moest worden. Zijn val op het ijs met de constatering dat zijn bot op drie plaatsen gebroken was, terwijl hij toch maar op één plek was gevallen. Tijdens zijn ziekenhuisverblijf heeft hij zich een breuk gelachen en zijn beste been voortgezet. Toen een zuster met hem flirtte, zei Zannemiek dat ze geen smaak had door corona. Zelfs het koffiezetapparaat wist wat er gebeurd was: op het scherm stond “sterkte.”

Louike Gitaar (Louis van den Boogaart)

Zingend en spelend betrad Louike het podium. Hij vroeg meteen of er trainers in de zaal zaten, want hij had een liedje over trainers – gebaseerd op eigen ervaring: “Trainer is een klootzak, trainer is een lul. Dat ik niet in de basis mag, is grote flauwekul.” Zijn sauwel was een muzikaal experiment, vol korte liedjes, improvisatie en dorpsgrappen. Louike wilde singer-songwriter zijn en bezong Ulicoten als 'de mooiste stad van Baol'. Ook Chaam kwam voorbij, al hield hij zich bewust in, vanwege zijn gouden single voor Da minde nie, jawel jawel. Voor Chaam had hij óók een lied geschreven, maar kwam niet verder dan één woord: 'Chaam!'. Volgens Louike stammen veel achternamen nog uit de tijd van Napoleon, toen iedereen verplicht een familienaam moest aannemen. Zo werd Jans zoon Jansen. En de mensen die van de Strumpt helemaal naar het gemeentehuis in Baol moesten rijden, kregen de naam Ver-rijen. Zo simpel was de geschiedenis in Ulicoten. Omdat er die avond ook een blinde in de zaal zat, had Louike een lied in braille gemaakt. Vol enthousiasme zong hij: “Puntje, punt, dikke punt, puntje…” In zijn laatste lied had hij wat levensvragen en zoals altijd bleek bier opnieuw het antwoord op alles. Zingend verliet Louike het podium, terwijl de zaal met hem meezong.

Dickie de Dorpsverbinder (Thomas van Drunen)

Voor Thomas was het zijn debuut in de ton. Als lid van de Somsband besloot hij dat het tijd was om zelf te gaan sauwelen. Met Brabantse roots, maar via het westen in Ulicoten beland, was zijn Brabantse tongval inmiddels volledig verdwenen. Als Dickie de Dorpsverbinder stelde hij zich voor als collega van Evelien. Zijn eerdere werk bij een naburige gemeente had hem één ding geleerd: het mooiste aan Chaam is de weg naar Ulicoten. Hij strooide met herkenbare dorpsnamen en merkte fijntjes op dat sommige Ulicotenaren naar Chaam waren verhuisd, waardoor in beide dorpen het gemiddelde IQ steeg. Ook ongewenst gedrag bleef niet onbesproken. In Haaikneutersland schijnt zelfs een heus dickpick-kwartet te bestaan. Daarmee liet Dickie zien dat hij het dorp door en door kent. Zoals het hoort in een sauwel werden menig dorpsgenoot en situatie verwerkt, altijd gebaseerd op een kleine kern van waarheid. Met scherpe observaties en zelfspot sloot Dickie zijn debuut af met een duidelijke boodschap: blijf vooral verbinden.

De Vuilnismannen (John en Tom Tielemans)

“Heeft u nog oude rommel?” Met die vraag betraden de Vuilnismannen de ton. Ze namen werkelijk alles mee: van boeken tot afgedankte spullen. Volgens hen krijg je na tien jaar sauwelen automatisch je Sinterklaasbrevet. Na deze avond telt Ulicoten er zelfs drie. Ze verwezen fijntjes naar Ben Gevallen: een sauwelaar moet oppassen voor glad ijs, want de weg naar de ton kan dan ineens héél lang worden. “Break a leg, Rudy.” Het drankje dat ze kregen aangeboden door de nieuwe Staf – een familielid – viel duidelijk in de smaak. Geert vertelde over zijn vakantie, waarin verveling de boventoon voerde. Op advies van zijn vrouw groef hij een gat in het gazon. Wat doe je met zo’n gat? Juist: op Marktplaats zetten. Binnen een kwartier was het verkocht, formaat 3x3x4, aan iemand uit Baol. Het transport liep echter niet vlekkeloos. Net onder het viaduct ging het nog goed, maar op de Visweg viel het gat eraf. Glenn wilde het nog even terugstoten, met als gevolg dat hij zelf in het gat reed. De politie kwam nog kijken, hopend op een grote vangst, maar de vogel was gevlogen en de vis-weg. Glenn en Geert zagen er uiteindelijk geen gat meer in en gingen gewoon doorzakken.

Stevie Zonder (Gert Koijen)

De opkomst van Stevie Zonder was meteen raak. De blinde sauwelaar vond volledig op gehoor, slechtgekleed zijn weg naar de ton en gaf direct aan blij te zijn iedereen níét te zien. Zijn naam dankte hij aan Stevie Wonder, maar dan zonder kleur. Zijn blindheid leverde scherpe grappen op en hij bleef strak in zijn rol; soms stond hij zelfs achterstevoren in de ton. Met zijn handicap maakte hij volgens eigen zeggen alleen bij de gemeente kans op werk vanwege subsidie, maar ook die baan ging aan hem voorbij. Die was uiteindelijk voor iemand met nóg een grotere handicap – uit Chaam. Mensen vragen hem weleens of hij echt gelukkig is met zo’n beperking. Volgens Stevie is dat maar de vraag. Hij kan niet op social media kijken, oordeelt niet op uiterlijk en ziet geen kleur of verschillen. Ruzie, geweld, oorlog en verdriet gaan volledig aan hem voorbij. Wie is er dan eigenlijk beperkt? Maar eerlijk is eerlijk: nadelen zijn er ook. Hij kan niet zien of hij zijn achterwerk goed heeft afgeveegd. En dat gaat jeuken. Daar komt hij pas achter als hij op zijn nagels bijt, omdat hij de hele tijd heeft zitten krabben. Stevie sloot af met de opmerking dat hij graag tot ziens had gezegd, maar dat wel erg optimistisch vond. Daarom hield hij het bij een dankwoord en een “misschien tot volgend jaar”, waarmee hij de zaal lachend achterliet.

Bennie Vrolijk (Jorick Bekers)

Mopperend kwam Bennie Vrolijk de ton in. Net terug van de kapper was hij boos dat iemand daar twee keer €11 moest betalen: van voren dweilen en van achter knippen. Hij kondigde aan het publiek een zure avond te bezorgen – iemand moest tenslotte de slechte zijn. Om er vanavond beter uit te zien had hij nog verschillende sporten geprobeerd, maar zonder succes. Fietsen vond hij levensgevaarlijk, zeker als hij keek naar Ben Gevallen. Rondrijden bleek uiteindelijk het veiligst en het liefste wat hij deed. Het gevolg: ieder jaar doken in zijn sauwel weer dezelfde namen op. Bennie haalde het dorpsnieuws aan, met onder meer de brand bij Ad Geerts en het mysterieuze verdwijnen van de busdienst na een lifehammer-incident. Ook passeerden een cleaner en de nodige zeikerds de revue. Na achttien jaar samen vond hij trouwen vooral een dure manier om je was te laten doen. Volgens Bennie was alles slecht nieuws: frictie in de fractie, gedoe rond de lijsttrekker en steeds meer voorzieningen die verdwenen. Hij sloot af met een cynische, maar ook liefdevolle ode aan sportpark De Bremerpoort.

Maurice de Makelaar (Guido Dirven)

Op de klanken van Our House kwam Maurice de Makelaar binnen met een te-koopbord. Als makelaar zag hij overal kansen. Reclame was niet nodig, want mond-tot-mondreclame deed zijn werk. Vooral mensen uit postcodegebied 4861 stonden te popelen om in Ulicoten te komen wonen. In de Bernardusstraat draaide de verhuiscarrousel volop door het bekende WvDK-effect. Hij noemde de vijf gezinnen die daar vertrokken. Volgens Maurice moest er in de Singelwijk ook écht iets gebeuren. Het was niet langer bevorderlijk dat mensen daar alleen in een huis wonen. Daarom presenteerde hij een nieuw woonconcept: het flexibel partnerschap. Vrijgezelle mannen worden gekoppeld aan een getrouwde vrouw. Het project bevindt zich nog in de experimentele fase en kent momenteel een testcase. Namen noemde hij niet, maar de betrokken gemeentemedewerker wist volgens Maurice van toeten noch blazen. Ook voor de kerk wilde hij een nieuwe bestemming: geen kerk meer, maar showroom – onderhandelen over de prijs van Maria inbegrepen. Met humor en scherpe observaties schetste Maurice de woningmarkt in Ulicoten, waar het huizentekort inmiddels ernstige vormen heeft aangenomen. Zoek je een makelaar, dan moet je Maurice hebben. Want die is vast-goed of nee, on(t)roerend goed.

Action Man (Joris Theeuwes)

In alleen zijn onderbroek vloog hij de ton in. “Actie! Actie! Minder bussen, minder bussen… nee, dat is het niet, meer…?” Hij wist het zelf ook niet meer en moest even zijn vrouw bellen. Die nam natuurlijk niet meteen op. Uiteindelijk moest zij hem vertellen waarom hij aan het streaken was… maar hij moest voor haar strijken, niet steaken. Gelukkig lag er een shirt en een broek voor hem klaar. Action Man was niet bang om te demonstreren; dat zat al heel zijn leven in zijn bloed. Eén van zijn eerste protesten was met spandoek: “Dit nooit meer! Dit nooit meer!” Zijn moeder maakte er toen een eind aan met de woorden: “Eet je spruiten!” Laatst werd hij aangehouden door de BOA. Hij had veel te veel gedronken, dus moesten ze uitstappen. Toen hij opnoemde wat hij allemaal had gedronken, vond de BOA dat nog geen reden om zijn vrouw te laten rijden. Thuis wilde Action Man ook wel eens vaker de loodgieter uithangen. Het was niet altijd meer bal. Maar op een avond zaten ze op de bank en zijn vrouw had zin… in iets dat met een S begon en met een S eindigde. Met twinkelende ogen was de hint genoeg voor Action Man. Zijn lichaamstemperatuur steeg, het werd heet in zijn hoofd en zijn bloed baande zich een weg naar het front. Toen ze terugkwam met Sjips… was hij zwaar teleurgesteld. Action Man nam afscheid, want hij ging aan de laatste actie van de avond beginnen: zich vastlijmen aan de tap.

Alaaf!

Prinses Iris sloot de geslaagde sauwelavond af met een dankwoord aan alle sauwelaars, bestuur, Somsband, cameraman en fotograaf. Het was een avond met nieuwkomers en ervaren rotten in het sauwelvak. Ulicoten kent zijn pappenheimers – dat werd deze avond opnieuw duidelijk. In ons weekblad kunnen we niet alle grappen kwijt en willen we ook niet alles zwart op wit zetten. De sauwels zijn terug te vinden op YouTube; ga er gerust nog eens een avondje voor zitten. De Haaikneuters zijn gewaarschuwd: zelfs een hond die je even vastbindt voor een sanitaire stop, blijft blijkbaar niet onopgemerkt.