De prachtig versierde Belgische kerk zat afgelopen zaterdag goed vol, iets wat nog maar zelden gebeurt. Er was echt werk van gemaakt. Opgezette wilde dieren stonden tussen bladeren en takken, je kon ernaar blijven kijken. Een flink aantal honden was met hun baasjes naar de Hubertusviering gekomen, en zelfs één kat.

Door Claudi Olieslagers

Het was mooi om al die verschillende karakters van de honden te zien; zeker niet alle honden vonden het een feestje om naar de kerk te mogen. Pastoor Jan Braspenning kwam dan ook af en toe niet boven het geblaf uit.

De jachthoornblazers van Horrido luisterden, zoals elk jaar, deze viering op. Achteraf vertelden ze me dat dit een van de mooiste diensten is waar ze naartoe gaan. “Sint Hubertus is er om hondsdolheid tegen te gaan, maar als je ziet wat er in de wereld gebeurt, lijken de mensen wel dol te zijn,” zei pastoor Braspenning. “Een dienst zoals deze kan dan ook voor niemand kwaad. We worden met zijn allen te hebberig en waarderen niet meer wat we wél hebben.”

Omdat alle dieren meetellen, was er een speciale zegening. Zegenen betekent ’bedanken’. De dieren werden met deze zegening bedankt voor hun liefde voor de mensen. Alle dieren kwamen één voor één naar voren, en niet alleen de dieren werden gezegend. Pastoor Braspenning was kwistig met zegenen, tot hilariteit van de aanwezigen. Daarna liep pater Emmanuel nog met de wijwaterkwast door de kerk, en ook hij had goed opgelet hoe pastoor Braspenning het deed; er kwam zelfs een paraplu tevoorschijn.

Na het zegenen leek het meteen wat rustiger in de kerk. De honden waren blijkbaar onder de indruk. Alle aanwezigen kregen niet alleen de gebruikelijke hostie, maar ook een gezegend broodje, een hubke. Volgens de traditie zou het gezegende broodje beschermen tegen hondsdolheid en geluk en gezondheid brengen. Het uitdelen van deze broodjes is een mooie traditie die niet alleen het geloof, maar ook de verbondenheid tussen mens, natuur en dier benadrukt.

Pastoor Braspenning sloot af met het voorstellen van pater Emmanuel, zijn opvolger. Hij moet namelijk met pensioen, omdat hij 80 wordt. Per 1 januari zal pater Emmanuel verantwoordelijk zijn voor onder andere de Sint Remigiuskerk, maar pastoor Braspenning gaf aan dat hij niet helemaal weg zou zijn. Dit leverde hem een lang en indringend applaus op. Na het afsluiten van de dienst werd er nog wild per opbod verkocht om ervoor te zorgen dat de kerk kan blijven bestaan, want er is en blijft geld nodig voor deze prachtige kerk. Nadat de dienst helemaal was afgelopen, stond er achter in de kerk nog een hapje en drankje klaar voor alle aanwezigen.

Ik kwam in gesprek met een moeder en zoon uit Ridderkerk. Per ongeluk waren ze ooit in deze dienst terechtgekomen met hun Heidewachtel, en sindsdien komen ze ieder jaar. “Het brengt voorspoed om hier te zijn,” zei de zoon, en hij vertelde me toen het verhaal van zijn Heidewachtel. Het beestje werd ziek op 10-jarige leeftijd; de dierenarts kon nog opereren maar had er een hard hoofd in. Toch werd de operatie uitgevoerd. De Heidewachtel kwam goed uit de operatie, maar de uitslagen vertelden dat het dier niet lang meer te leven had, hooguit twee maanden. Bij iedere controle bij de dierenarts snapte deze niet dat de hond nog leefde. Zijn baas vertelde dan over de Hubertusviering in de Sint Remigiuskerk in Baarle-Hertog. De dierenarts geloofde er duidelijk niet in, maar de man zei: “Ik geloof ook niet in wat u zegt, want mijn hond had nog maar twee maanden.” Uiteindelijk heeft het beestje nog vier jaar geleefd. De hond is inmiddels overleden, maar de man blijft komen. Meer dan een uur rijden, enkele reis, met zijn oude moedertje, maar ze komen voor de voorspoed! En ze hopen dat, ondanks dat hij met pensioen gaat, pastoor Braspenning volgend jaar weer te zien.

Een bijzondere dienst, waarbij het lang onrustig bleef in de kerk, maar waarin hoop zegevierde.