Op 8 augustus bereikte ons het droevige bericht dat onze Ere-Hoofdman Anton van Tilborg in de leeftijd van 85 jaar was overleden. Dit bericht kwam toch nog onverwacht, hoewel zijn gezondheid de laatste tijd veel te wensen overliet.
Anton was gildebroeder van het eerste uur.
Hij werd in 1957 op 16-jarige leeftijd lid van handboogschutterij Concordia. Hij behoorde met zijn 69 jaren lidmaatschap bij de laatste twee leden die nog lid zijn van ons gilde en die bij de oprichting in 1966 aanwezig waren.
Anton was een gildebroeder die zich altijd zeer actief heeft ingezet voor ons gilde.
Als eerste was hij een verdienstelijke schutter. Hij won maar liefst vijftien schilden met het wipschieten.
Maar daarnaast heeft hij ook drie keer Gildekoning geschoten: in 1971, 1974 en 1985.
In 1981 trad Anton toe tot de overheid en in 1987 werd hij Hoofdman, dit heeft hij maar liefst 25 jaar gedaan. Als dank voor zijn verdiensten kreeg hij de titel Ere-Hoofdman en mocht hij in 2007 een kringonderscheiding ontvangen.
In zijn periode als Hoofdman was hij altijd gedreven het gilde bekendheid te geven. Zo was hij de motiverende kracht achter zeker vijf gildedagen, met als hoogtepunt de gildedag in 1991, compleet met steltlopers en pijprokers.
Maar zijn grootste verdienste is wel de realisatie van het huidige gildehuis en -terrein. Mede door zijn doorzettingsvermogen is dit geworden tot wat het nu is. Een multifunctioneel gebouw waarin iedereen van het gilde zich thuis voelt, en waar we alle activiteiten van het gilde kunnen organiseren.
Een gildehuis waarvan hij nog jaren de inkoop deed ook toen hij geen Hoofdman meer was.
Voornamelijk door gezondheidsredenen werd het bezoek aan het gildehuis de laatste jaren minder.
Maar Anton probeerde er bij de meeste activiteiten toch bij te zijn. Dus toen hij wat minder ter been was, kwam hij toch met zijn rollator of scootmobiel. Na de val afgelopen december was het helaas voor hem niet meer mogelijk het gildehuis te bezoeken, maar hij bleef belangstellend naar het reilen en zeilen van zijn gilde.
Al die jaren kennen we hem als een betrokken gildebroeder die het beste wenste voor zijn gilde. Hij had oog voor traditie, vond een goede band met kerk en gemeente belangrijk. Ook vond hij het van belang dat het gilde met de tijd meebewoog om zo het voortbestaan te garanderen.
In Anton verliezen we een groot gildebroeder.
Onze gedachten gaan voor alles uit naar zijn naasten. Wij hopen dat zij zich in deze moeilijke periode gesteund mogen zien door de mensen om zich heen.
De overheid van het St. Willibrordusgilde
