Een half jaar geleden was ze nog bezig met een crowdfunding om haar voetbalcarrière mogelijk te maken: de nu nog net 15-jarige Nikey Veenswijk. Volgende week 14 januari wordt ze zestien en trots vertelt ze dat ze de ochtend van ons gesprek is geslaagd voor haar brommertheorie. “Dat doe ik er ook nog even bij,” lacht ze.
Door: Claudi Olieslagers
In juli spraken we af dat ze Ons Weekblad in de kerstvakantie zou bijpraten over hoe het haar vergaan is in het eerste kwartaal van haar nieuwe leven. En dat leven is allesbehalve gewoon.
Nikey woont in een hotel in Eindhoven, traint bij PSV Onder 17 en mag af en toe meetrainen met Jong PSV. Dat laatste vertelt ze stralend, want de trainingen bij Onder 17 vindt ze eigenlijk niet moeilijk genoeg. Die van jong PSV daarentegen dagen haar echt uit.
De start was wel pittig. Op jezelf wonen, school en trainen combineren is niet niks. “Maar vooral het voetballen gaat heel erg goed,” zegt ze nuchter.
Ze geeft eerlijk toe dat ze veel alleen is. “Maar dat maakt me eigenlijk niet uit. Ik ben daar voor het voetbal.” Haar doel is helder: Europees voetbal.
“Ik wil naar Engeland, Spanje of Italië. En daar ga ik komen.”
Als ik moet lachen om haar stelligheid, zegt ze direct: “Je moet groots dromen.” En daar heeft ze gelijk in.
Nikey neemt me mee in een gemiddelde dinsdag, omdat ze dan bij Jong PSV traint. Om 8.30 uur start ze met krachttraining, om 10.25 uur gaat ze een paar uur naar school. In het begin was dat lastig. Het Belgische onderwijs is heel anders dan het Nederlandse. “In België wordt alles uitgelegd, in Nederland moet je veel meer zelf doen. Ik moest echt leren leren.”
Om 16.30 uur traint ze op De Herdgang, de PSV-academie. Op andere dagen traint ze op De Heihoef, het trainingscomplex van PSV. Rond 22.00 uur is ze weer 'thuis', zoals ze haar hotelkamer noemt. De dagen waarop ze eerder klaar is met trainen, gebruikt ze om te studeren en haar kamer schoon te maken. Want hoewel ze in een hotel woont, is er helaas geen roomservice.
De topsporters die daar wonen, delen wel een extra ruimte met een grote tafel, koelkast, wasmachines en drogers. Want trainingskleding kan niet wachten tot zondag, de enige dag dat Nikey écht thuis is in Baarle. Zaterdagen zijn immers wedstrijddagen.
Nikey speelt als flankverdediger en heeft al meerdere assists op haar naam staan. Ze legt uit wat haar rol inhoudt en hoe die assists tot stand komen.
“Ik kan snel rennen,” lacht ze.
De afgelopen maanden kampte ze twee keer met een kleine blessure. “Maar als er niets kapot is, kun je gewoon trainen,” zegt ze vastberaden. “Voor een beetje pijn hoef je echt niet te stoppen.” Flauw is ze allerminst; trainen wil ze altijd.
Net als tijdens ons vorige gesprek vertelt ze dat ze nauwelijks voetbal kijkt. “Geen tijd,” lacht ze. “Ik ben mijn eigen grootste voorbeeld.”
De komende 2,5 jaar blijft ze dit alles doen om haar droom na te jagen. Nu heeft ze twee weken vakantie, maar stilzitten is geen optie. “Gewoon blijven bewegen en genieten van thuis in Baarle.” En van “lekker normaal eten”, want doordeweeks eet ze op de campus waar een topsportkok kookt. Deze maakt hele andere dingen dan dat ze gewend was en ook dat was even wennen.
Ze hoopte nog een bijbaantje te vinden in Eindhoven, maar dat idee heeft ze laten varen.
“Weet jij wanneer ik zou moeten werken?” vraagt ze me.
Als ik haar schema hoor, heb ik daar inderdaad geen antwoord op.
De financiering van de komende jaren is haar enige zorg. “Maar dat gaat ook weer goedkomen” zegt ze met een glimlach. Nikey gelooft onvoorwaardelijk in haar avontuur en dat is nog lang niet voorbij.
Deze jonge dame jaagt haar droom na. En wij Baarlenaren blijven haar volgen.
Nikey is te volgen op Instagram: @veenswijkNikey
