Er werd destijds veel gefloten in Chaam. Zowat het eerste wat pa ons leerde was ‘fluiten’. “Daor hedde ommes niks aanders veur nodig as oewen eigenste mond”, zei pa. Hij deed het eerst voor en wij deden hem na, dag in dag uit totdat er bij ons ook geluid uit kwam. Heel ons verdere leven hadden we profijt van pa’s fluitlessen. “Irst efkes fluiten veurda ge wa doet”, zei pa altijd. Dat werkte.
Door Berry van Oers
Sophietje
We leerden fluiten met een potlood. Dat staken we in onze mond en vervolgens trokken we het potlood er uit zodat er een klein gaatje achterbleef. Met onze tong maakten we het gaatje kleiner of groter en zo konden we al snel een hele toonladder fluiten. Daar was geen fluit aan. Eigenlijk een fluitje van een cent. Eén van de eerste liedjes die we leerden fluiten was ‘Zij dronk ranja met een rietje, mijn Sophietje’ van Johnny Lion. We floten dat altijd wanneer Fie langs ons huis fietste.
Jongensschool
Veel jongens bij ons op de jongensschool aan de Bredaseweg konden fluiten. Op de meisjesschool aan de Gilzeweg werd nauwelijks gefloten. Naar meisjes werd gefloten, maar zelf floten ze zelden. Opa waarschuwde ons er voor. “Een meid die fluit is een zotte fluit”, volgens hem. Joske kon heel goed fluiten. Dat had hij geleerd van zijn vader die in de bouw werkte en dagelijks vanaf de stijger naar zijn favorieten floot.
Gewoonte
We floten wat af. In georganiseerd verband hadden we makkelijk een fluitconcert kunnen geven. Ook de mond van onze meester stond altijd in de fluithouding wanneer hij naar huis ‘bromde’. Fluiten was een gewoonte. Het werd ons aangeleerd van vader op zoon. Naar iemand fluiten had destijds geen bijbedoelingen. Je werd nog niet teruggefloten.
Zondererg
Piet floot ook altijd als hij het abonnementsgeld ophaalde. Hij leek continu opgeruimd, maar ook als hij dat niet was floot hij. We hoorden Piet al in de verte aan komen fluiten op de fiets, zeker als het raam open stond. “Zet de moor mar vast op”, zei ma dan. Piet kwam dan fluitend binnen. Ook tussen het buurten door floot hij altijd nog even. Piet floot eigenlijk ‘zondererg’.
Vennigse Brug
Toen we naar opa aan de Noordhoek stepten hoorden we op een keer een peloton soldaten fluitend over de ‘haai’ marcheren. De ‘zandhazen’ floten het wijsje van de mars ‘Colonel Bogey’ uit de film ‘The Bridge on the River Kwai’. In plaats van over de brug van de River Kwai marcheerden ze over de Vennigse Brug. Het gefluit bleef lang hangen.
Wereld
Meteropnemer Mart, Toke’s broer, klopte regelmatig al fluitend op de achterdeur om de meterstand op te nemen. Hij floot gewoon door tijdens het noteren van hoeveel we verbruikt hadden. Tegenwoordig wordt er bijna niet meer gefloten in Chaam. De meeste Chamenaren kunnen trouwens niet eens meer fluiten. Dat is jammer, want wie fluit kijkt anders naar de wereld.
Medicijn
Fluiten vermindert stress. Het maakt jezelf blij, maar anderen ook. Fluiten is de beste medicijn. Probeer het maar eens wanneer je slecht gemutst of teleurgesteld bent. Fluiten verlengt je lontje. “Irst efkes fluiten agge kwaod bent”, zei ma altijd. We zouden eigenlijk een voorbeeld moeten nemen aan al die fluitende Chamenaren van weleer. Minder praten en meer fluiten.
